Hoofdstuk 14. Don Bosco.
In mijn jongensjaren las ik veel. Ik had een aardige verzameling van Kuifje, Arendsoog en Don Bosco de Grote Kindervriend. De stripboeken van Don Bosco gingen over een priester die enorm veel van kinderen hield. Er stond altijd een tekening in van een kerkje. Ik liet het aan mijn broer zien en wees hem erop dat ik het kerkje zo stijlvol vond.
Hij begon wat te ginnegappen, bladerde het stripboek door en vertelde mij dat het door JW was geschreven en getekend.
‘Echt waar,’ vroeg ik.
‘Niet helemaal waar. Ik denk dat hij het door iemand anders laat tekenen. Dat kan hij zelf niet. Misschien verzint hij wel de teksten. Hem kennende laat hij zulke dingen door iemand anders doen. Hij doet dit om geld te verdienen.’
Mijn broer bladerde, ietwat ongeduldig, verder in het stripboek.
‘De grote kindervriend,’ riep hij ineens schaterend van het lachen. ‘Hij is de grootste pedofiel die er op aarde rond loopt!’
In huis slingerden altijd enkele boeken rond van Freud waarin driftig door mijn vader, zijn nieuwe vrouw en mijn broer gelezen werd.
Op een geven ogenblik sloeg ik het, met enige weerzin, open. Ik las dat seksueel misbruik op jonge leeftijd op den duur tot volledige verdringing leid van bepaalde gebeurtenissen in je leven.
Toen ik aan mijn familie vroeg waarom juist dit boek overal op tafels lag begonnen ze te lachen en werd ik er niet wijzer van.
Volgend Hoofdstuk van Sonstral
Inhoudsopgave
Startpagina
Casparus RH
December 2005. Copyright ©.