Hoofdstuk 37. Hologram projector.
Destijds had ik in New York een ontwerpstudio. Ik was er bijna nooit. Ik kwam er alleen wanneer ik mij verveelde en schuldig voelde, indien ik een tijd lang niets had gedaan. Voor het grootste gedeelte van de dag hield ik alleen van de franje.
Voordat ik in mijn eigen kantoor kon komen moest ik eerst door het algemene kantoor waar iedereen werkte. Ik had een perfect team dat zich bezig hield met het ontwerpen van covers voor bekende tijdschriften.
Mijn belangrijkste ontwerpster was een schone blonde vrouw van begin dertig. Zij had een enorm opgewekt karakter. In feite ging ik alleen voor haar naar de studio. Niet dat wij wat met elkaar hadden. Ik ging naar kantoor, omdat ik wild werd van haar ontwerpen. Dan had ik mij weer voor een hele week opgeladen. De andere vrouw was iemand die zich op de achtergrond hield. Zij was meer een steun en toeverlaat voor de anderen. Dit deed ze overigens perfect. Verder werkten er nog enkele mannen die het grafische aspect verzorgden. Deze stonden in mijn beleving heel ver van mij vandaan. Zoals u weet heb ik het niet zo op mannen. Ik vertrouw ze gewoonweg niet.
De studio was uitermate succesvol. Dit niet alleen vanwege de perfecte ontwerpen. Ook vanwege de prijs die ik door het in verhouding zeer kleine team kon aanbieden. Bovendien gaf mijn familienaam de nodige steun. Dat mag ik niet ontkennen! Alhoewel ik begreep dat je er zonder een goede kwaliteit en prijsverhouding niet kwam. Voor mij was de kwaliteit het belangrijkste. De rest volgde automatisch.
Helemaal achteraan was mijn kantoortje. Het was meer een pijpenlade. Links, voor het raam, stond mijn bureau. Bedolven onder een lading papier met de meest vreemde tekeningen en schetsen. Aan de rechterkant, meteen achter de deur, was een diepe inbouwkast. Vol met stapels ongeordende schetsen. Wanneer ik de deur ervan opende viel het meeste eruit. Aan het hoofdeinde van de pijpenla had ik nog een meter over. Hier konden mijn gasten op de grond zitten. Ik had slechts een stoel en die was van mij.
Ik was al jaren bezig met het ontwerp van een apparaat dat hologrammen zou kunnen projecteren. Een volkomen virtuele wereld waar je zo in kon stappen en zelfs niet eens besefte dat je in een virtuele wereld terecht was gekomen. Ik begreep dat er een enorm nadeel aan kleefde. Het was mogelijk er anderen mee te manipuleren. Je kunt iemand volledig voor de gek houden. Laten geloven wat mogelijk is. Het voordeel is dat men de illusie heeft dat alles echt is. Je kunt iemand laten denken dat men bijvoorbeeld voor een weekje op Hawaï aan het surfen is. Vergeet niet het spelelement. Je kunt de meest gekke spelletjes bedenken. Alles is levensecht. Een van mijn eerste tests had een enorm succes. Het is bepaald niet voor herhaling vatbaar.
Voordat de ontwerpers ’s morgens op kantoor zouden komen had ik de projector aangezet en geladen met beelden van een mijn safari reizen in Afrika samen met Prins Bernard. Echt een hartelijke man. Altijd een smeuïge en gulle lach. Op het moment dat het personeel het kantoor inliep kwamen zij midden in de jungle terecht. U kunt zich wel voorstellen hoe zij reageerden toen er een olifant, luid trompetterend, op hen afstormde!
Toen ik de projector uitzette wilde niemand meer iets met mij te maken hebben. Zij wilden op staande voet ontslag nemen. Ik moest al mijn overtuigingskracht aanwenden. Uiteindelijk kon ik hen overhalen te blijven door een fikse salarisverhoging in het vooruitzicht te stellen. De opportunisten!
Op een gegeven ogenblik, ik was al een hele week niet meer op kantoor geweest, trof ik een goede kennis van mij aan.
Al Pacino. De beste filmacteur aller tijden!
Hij zat op de grond. Met zijn rug tegen de muur. Hij veerde, op zijn bekende aapachtige wijze, overeind en begroette mij hartelijk. Wij hadden het juist over koetjes en kalfjes toen er aan de deur werd geklopt en Leonardo Di Caprio naar binnen kwam. Hij gaf ons een hand en ging naast Al op de grond zitten.
Wij onderhielden ons op een zeer vriendschappelijk wijze.
Ik vertelde hen enthousiast over mijn nieuwe uitvinding. De hologramprojector. ‘Hij staat in de kast,’ zei ik. ‘Eerst even een fles champagne openen om dit te vieren.’
Ik voelde mij zeer opgewonden. Zij waren de eerste kennissen, buiten het personeel om, aan wie ik mijn zeer belangrijke uitvinding wilde laten zien. Ik liep naar de kast om het apparaat er uit te halen en viel ter plekke in katzwijm. De hologramprojector was verdwenen!
Ik schoot als een haas het algemene kantoor binnen en riep: ‘waar is mijn projector?’
Iedereen keek verbaasd op. Niemand wist wat ik bedoelde. Op het moment dat ik mijn kantoor weer binnen liep namen de twee filmsterren afscheid van elkaar. De een sprak Italiaans en de ander Frans. Ik verstond en begreep hen niet. Ik sprak slechts Nederlands. Daarna hebben wij elkaar nooit meer ontmoet.
Toen ik de deur van de studio achter mij dicht deed, de hoek van de straat omsloeg, kon ik mij niet meer herinneren dat ik een ontwerpstudio had.
Volgend Hoofdstuk van Sonstral
Inhoudsopgave
Startpagina
Casparus RH
December 2005. Copyright ©.