English
JEUGDJAREN IN BRABANT

Hoofdstuk 1. Merkwaardige gebeurtenis.

Het was een van de laatste avonden in november 1979. De najaarsstorm kletterde de regen tegen de grote ramen van de Groningse pastorie woning. Uit de honderd jaar oude kastanjebomen in de voortuin vielen grote druppels water in het reeds winterse gazon. Iedere avond sloot ik de houten binnenluiken voor de grote ramen. Een dagelijks ritueel. Het gaf ons het gevoel dat wij in een gebarricadeerd kasteel woonden.
Terwijl ik hier mee bezig was moest ik aan de sneeuwstorm van het jaar daarvoor denken. Het was een complete verrassing toen ik de volgende dag de luiken opende. De ramen waren volledig met sneeuw bedekt. Gelukkig kon ik voordeur open krijgen en zag dat het onbegonnen werk was om de oprijlaan begaanbaar te maken. De wind van die nacht had de sneeuw op sommige plekken tot meters hoog opgeblazen. De westzijde van het huis was volledig bedolven. Op sommige plaatsen lag de sneeuw zelfs tot aan de vier meter hoge dakgoot. De auto was niet meer te zien.
Ingrid werd door de huisarts gebeld. Hij kon niet naar ons dorp komen. De wegen waren onbegaanbaar. Voordat wij trouwden was zij verpleegster geweest. Hij vroeg haar om spuitjes aan suikerpatiënten te gaan geven. De patiënten hadden de spuiten en medicijnen in huis, maar durfden zich zelf geen injectie te geven. Ik bleef thuis om op onze kleine kinderen te passen en zag haar ploeteren totdat ze achter een sneeuwduin was verdwenen. Uren later kwam ze weer thuis. Zij vertelde dat ze bijna de weg was kwijtgeraakt. De bewoners van enkele huizen verderop hadden haar geholpen. Zij was totaal opgewonden van deze wereldreis en belde de dokter dat ze ondanks de barre tocht in staat was geweest alle patiënten een spuitje te geven. In de middag ging de wind liggen, brak de zon door en besloten we met de kinderen naar buiten te gaan. Voor het eerst groette iedereen elkaar vriendelijk. Het duurde drie dagen voordat bulldozers uit de stad, dertig kilometer verderop, ons bereikten en de weg weer begaanbaar was.
Juist toen ik bezig was de laatste luiken te sluiten kwam Ingrid de kamer binnen en zei: ‘direct word ik door iemand van de hypnosegroep opgehaald.’

Enige weken geleden hadden wij over deze cursus gehoord van vrienden van Ingrid, de familie Groen uit Hilversum. Hij was tandarts. Zij was verpleegster geweest, net zoals Ingrid. Zij hadden hun opleiding in hetzelfde ziekenhuis gevolgd. Tijdens ons huwelijk werd dit contact aangehouden. Zij kwamen geregeld bij ons in het hoge noorden en wij kwamen vaak bij hen op de Sophialaan. Hun kinderen en die van ons waren ongeveer even oud. In eerste instantie had ik deze cursus eveneens willen volgen en had er mij vrij uitgebreid over laten vertellen. Het interesseerde mij vooral omdat je een koptelefoon op zou krijgen, waarvan ik het verband niet zag met hypnose. Ook niet na uitleg hierover. De familie Groen drong erop aan dat het wel eens goed zou zijn dat Ingrid eens iets zonder mijn aanwezigheid zou doen. Ik liet mij overhalen en zou in de tijd dat Ingrid op cursus ging op de kinderen passen.

‘De kinderen slapen al, daar hoef jij je dus niet ongerust over te maken.’
Even later hoorde ik een auto de oprit oprijden en werd er aan de voordeur gebeld. Ingrid ging voor haar wekelijkse avondje hypnosecursus de koude winteravond in.
Ik moet in slaap zijn gevallen op de bank, want toen ik iemand in de keuken hoorde rommelen met servies zag ik op de Friese staartklok dat Ingrid al een uur weg was. Ongerust stond ik op en liep naar de keuken. Daar trof ik tot mijn verbazing Ingrid aan.
‘Ik dacht dat je naar de cursus was?’
‘Nee, ik kreeg een telefoontje van mijn broers. Zij komen vanavond plotseling op bezoek.’
‘Je broers?’
‘Ja, mijn broers. Zij willen nu wel eens weten of jij zo rijk bent als wordt beweerd.’
‘Hoe komen ze daar nu bij. Typisch.’
Ik maakte aanstalten om haar te omhelzen, maar dat weerde ze af.
‘Blijf van mij af,’ zei ze resoluut.
‘Waarom heb je niet dat gouden kettinkje om, dat ik je laatst heb gegeven. Dat vinden je broers leuk.’
‘Nee, dat is niet verstandig. Anders denken ze echt dat je bulkt van het geld.’
‘Hoezo? Ik weet van niets en moet ploeteren voor het geld.’
‘Door al die verhalen die je schrijft en de liedjes waarvan je de tekst en de muziek maakt.’
‘Jullie moeten niet zo belachelijk doen. Rijk, waarvan, ik weet van niets. Ik voel me rijk in mijn hart. Dat is alles.’
‘Ga nu maar vast naar de zitkamer en steek de kaarsen aan. Ze komen zo.’
Toen ik eenmaal op de bank zat ging de deur van de woonkamer open en kwamen haar broers naar binnen. Verbaasd stond ik op. Ik had de voordeurbel niet gehoord. De oudste liep voorop. Zij vertelden dat ze jammer genoeg maar even tijd hadden. Zij waren heel toevallig in het noorden en wilden niet te laat thuis zijn.
‘Daarom vallen we maar met de deur in huis,’ zei de oudste.
Hij begon mij uit te horen over al het geld dat ik verdiend zou hebben met het schrijven van verhalen en liedjes.
‘Hoe komen jullie daar nu bij. Ik schrijf wel eens een paar regeltjes voor mij zelf. Dat is alles. Ik droom er wel van een groot schrijver te worden. Alleen de omstandigheden zijn er niet naar. Ik ben met je zus getrouwd en wij hebben drie kleine kinderen. Ik heb er geen tijd voor en het zal wel nooit gebeuren.
Bovendien slokt mijn werk mij volledig op.’
Ze begonnen te giechelen en na wat koetjes en kalfjes vertrokken ze weer. Toen ik hen bij de voordeur wilde uitzwaaien zag ik een bekende auto staan.
‘Dat is de auto van mijn broer,’ zei ik verbaasd. ‘Wat doet die auto hier? Mijn broer zal nooit zijn auto uitlenen. Bovendien kennen jullie elkaar niet eens.’
‘Wij hebben hem onlangs op een feestje in Den Bosch leren kennen. Hij moest in het noorden zijn en wij konden met hem meerijden.’
Op dat moment maakte mijn broer zich los uit de schaduw van een van de kastanjebomen, liep op mij af en gaf mij een hand.
‘Kom even binnen,’ vroeg ik totaal verrast.
‘Nee, ik heb geen tijd.’
Ik drong aan.
‘Echt niet. Ik moet op tijd thuis zijn.’
Verbaasd liep ik met hen naar de auto. Op de achterbank lag een luxe goudkleurige koptelefoon.
‘Komt daar muziek uit? Waar staat de geluidsinstallatie?’
‘Jij mag even luisteren. Alleen wanneer je wilt. Het klinkt wel goed! De installatie staat achter in de kofferbak.’
Hoe het kwam weet ik niet meer, maar even later werd ik wakker op de bank in de zitkamer. Ik liep de gang op, hoorde dat er niemand in huis was, zag dat de voordeur op een kier stond en deed hem in het slot. Ik liep door de lange gang naar de keuken. Ik werd overvallen door een onbehaaglijk gevoel. Er was iets gebeurd. Ik kon het niet thuis brengen. Ik luisterde nog eens nauwkeurig of er vreemde geluiden waren in het huis. Stond minuten lang stil in de hal en liep vervolgens naar de slaapkamers van de kinderen om te controleren of ze sliepen. Niets aan de hand. Toen ik weer naar beneden liep ging de voordeur open en kwam Ingrid totaal verregend naar binnen.
Onmiddellijk vertelde ik dat haar broers en mijn broer op bezoek waren geweest.
‘Jij was er ook. Je hebt zelfs nog een borrel voor mij ingeschonken en koffie voor je broers.’
‘Je hebt vast en zeker gedroomd,’ zei ze lachend.
Toch niet helemaal gerust belde ze, op mijn aandringen, met haar oudste broer. Hij was de hele avond thuis geweest en zou zeker niet samen met zijn broer bij ons op bezoek zijn gekomen, omdat ze niet op goede voet met elkaar leefden. Daarna belde Ingrid met haar moeder. Deze vond het eveneens een onwaarschijnlijk verhaal en vertelde dat ze alle twee beslist thuis waren.
‘Je moet het echt gedroomd hebben,’ zei Ingrid.
De volgende dag spraken Ingrid en ik weer over het typische voorval. Zij was toch erg onzeker geworden over de gebeurtenissen van de vorige avond.
‘Er is zeker iets gebeurd. Wat precies, weet ik niet, maar mijn sieraden lagen niet in dezelfde volgorde en met mijn kleren is gerommeld. Een jurk die ik nooit meer draag, onder een stapeltje andere kleren lag, hangt nu aan een hangertje. Erg merkwaardig.’

Volgend Hoofdstuk van Sonstral
Inhoudsopgave
Startpagina

Casparus RH
December 2005. Copyright ©.

   
   
 
   
   
   
         
         
         
   

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

   
    http://s5.histats.com/stats/r.php?16882&100&1&urlr=&http://www.sonstral.com/Nederlands/Hoofdstukken html/Hoofdstuk 01/Hoofdstuk 1.html